kwetsbaarheid en bescherming

Gepubliceerd op 9 april 2026 om 16:13

Als hechting onze grootste behoefte is, is verwijdering onze grootste angst

 

Sinds ik me verdiep in het gedachtengoed van Gordon Neufeld, kijk ik met andere ogen naar verlies. Wat ik ergens altijd al wel wist, heeft nu taal en nog meer betekenis voor me gekregen.

Stapeltjesverdriet: wanneer verlies zich opstapelt

Het moment waarop iemand aanklopt na een verlieservaring, is zelden een op zichzelf staand moment. Vaak is het de laatste steen op een stapel van eerdere verliezen. Een treffende term hiervoor is stapeltjesverdriet.

In het boek Stapeltjesverdriet beschrijft Sabine Noten hoe verlieservaringen op jonge leeftijd zich kunnen opstapelen en doorwerken in hoe we ons als volwassene hechten aan anderen. Verlies laat sporen na – soms zichtbaar, vaak verborgen. 

Wanneer je samen op onderzoek uitgaat en als het ware ‘de onderste steen bovenhaalt’, kom je vaak uit bij de allervroegste kinderjaren. Daar waar de basis werd gelegd.

De basis van hechting

Als baby reik je uit naar de wereld, volledig afhankelijk van de zorg van een ander. Je verwacht – instinctief – dat er iemand is die je voedt, beschermt en leidt. Iemand die beschikbaar is.

Volgens Gordon Neufeld draait opvoeden niet om controle, maar om relatie. Zijn hechtingsgerichte ontwikkelingstheorie stelt dat kinderen pas echt kunnen groeien wanneer ze kunnen ‘rusten in hechting’. Alleen vanuit die veilige basis ontstaat er ruimte voor emotionele ontwikkeling.

Samen met Gabor Maté schreef hij het boek Laat je kind niet los, waarin ze pleiten voor het herstellen van de ouder-kindrelatie als fundament voor gezonde ontwikkeling.

Wanneer hechting onder druk komt te staan

Een veilige hechting is van levensbelang. En toch is dat vaak niet de realiteit.

Waar we nabijheid zoeken, ontstaat soms afstand. Waar we er voor ons kind willen zijn, kan ziekte ons dwingen tot afscheid. Waar we beschikbaar willen zijn, kunnen we zelf overweldigd raken door stress of psychische uitdagingen.

En zo ervaart een kind al vroeg kwetsbaarheid.

Ons brein wil pijn vermijden. Men zegt wel: ‘ons brein haat pijn’.  Daarom beschikt het over een krachtig beschermingsmechanisme. Zodra iets te pijnlijk wordt, treedt dit systeem in werking. Alsof het zegt: “Dit wil ik nooit meer voelen.”

De rol van ‘poortwachters’

Volgens Riet Fiddelaers-Jaspers ontstaan er in zulke situaties als het ware ‘poortwachters’: overlevingsdelen die ons hart beschermen en ons helpen omgaan met moeilijke ervaringen. Ze houden ons overeind – maar kunnen ons later in ons leven ook beperken of zelfs uitputten.

bron  Artikel Fiddelaers R. splitsing van de ziel. 

Anders kijken naar gedrag

Wanneer je met deze bril naar het gedrag van kinderen kijkt, verandert er iets wezenlijks. Je ziet niet langer alleen het gedrag, maar ook wat eronder ligt.

Gedrag dat we vaak bestempelen als ‘probleemgedrag’ is in veel gevallen een uiting van iets dat niet gezien of gevoeld kan worden. Iets dat bescherming vraagt.

En daarmee zijn we weer terug bij de kwetsbaarheid die gevoeld wordt wanneer er verwijdering in de hechting wordt ervaren. Heel alledaags (alleen slapen, afscheid nemen bij het naar school gaan, logeren) of heel ingrijpend (een ziekenhuisopname, scheiding of een overlijden).

 

 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.